dontforget
Geld

De grote (of juist kleine) consuminder challenge (#2)

21 juni 2018

Mijn oude klasgenootje aan de opleiding journalistiek kocht een jaar lang niks wat ze niet écht nodig had en ervoer hierdoor een enorm gevoel van vrijheid. Ook ik voel me steeds vaker een slaaf van mijn eigen consumptiepatroon. En dus stelde ik mezelf voor een uitdaging: een maand lang niets kopen behalve boodschappen. Is het me gelukt? En zo ja? Wat leverde het me op?

Een jaar lang niets kopen wat je niet écht nodig hebt. Vijf jaar geleden leek mij dat een onmogelijke opgave. Hoewel ik weinig geld had, schafte ik minstens één keer per maand wel een nieuw kledingstuk aan bij goedkope ketens als H&M en Zara. Deed ik dat niet, dan begon het te kriebelen en werd ik heel onrustig.

Een klasgenootje van mijn opleiding journalistiek leed aan dezelfde koopzucht als ik. Maar waar ik mijn schouders ophaalde en zei dat nieuwe kleding nou eenmaal mijn zwakke plek was, besloot Angela de strijd met haar eigen consumptiepatroon aan te gaan. Een jaar lang mocht ze van zichzelf alleen dingen kopen die ze écht nodig had.

Vanwaar dit radicale besluit? Angela had een jaar daarvoor acht maanden met een backpack door Zuid-Amerika gereisd. Eenmaal op reis verdween haar behoefte aan nieuwe spullen als sneeuw voor de zon. Leven uit een rugzak met slechts een paar kledingstukken gaf haar het ultieme gevoel van vrijheid. Dat gevoel wilde ze terug.

De regels van het experiment waren streng. Nieuwe kleding en boeken waren uit den boze, maar ook cadeautjes kopen voor vrienden mocht niet. Wat ze dan wel cadeau gaf? Een dagje naar het museum of een zelfgebakken taart. Ze hield deze challenge vol, een jaar lang. Boeken kocht ze niet langer, maar leende ze bij de bibliotheek, kleding ruilde ze met vriendinnen en zelfs toen haar mascara op was, kocht ze geen nieuwe. Dan maar zonder de straat op.

Gestraft voor consumptiedrift

Eerlijk is eerlijk, ik denk dat ik het niet vol zou houden om een jaar lang helemaal niets nieuws te kopen. Maar in tegenstelling tot vijf jaar geleden heb ik de behoefte om los te komen van de consumptiemaatschappij inmiddels wel.

Als freelancer zonder een vast maandelijks inkomen ben ik me maar al te goed bewust van de waarde van geld. En dan vooral in relatie tot tijd. Immers, hoe meer ik koop, hoe harder ik moet werken en hoe minder vrije tijd ik dus heb. En hoewel ik nog steeds een enorm zwak heb voor mooie kleren en graag boeken koop, ben ik er steeds meer van overtuigd dat tijd om leuke dingen te doen veel gelukkiger maakt dan een huis vol mooie spullen.

Ik ben niet de enige die zo denkt. De Britse econoom Richard Layard stelt zelfs dat mensen gestraft zouden moeten worden voor hun consumptiedrift. ‘Mensen die onevenredig veel verdienen en constant gestrest met hun werk bezig zijn, moeten gestraft worden met hogere belastingen,’ zo wordt hij geciteerd in de Volkskrant. Hij vervolgt: ‘Hun zucht naar steeds meer geld en status dwingt anderen namelijk om mee te doen, en maakt de achterblijvers ongelukkig. Zie het als een vorm van milieuvervuiling.’ Mensen wennen volgens Layard razendsnel aan wat ze hebben en willen alleen maar steeds meer.

Leidt consuminderen tot vrijheid?

Natuurlijk is dit een wel een heel radicaal standpunt, maar ergens heeft hij gelijk. Neem mijn eigen kledingkast, die puilt uit. En toch heb ik geregeld het gevoel dat ik niet genoeg heb en dat ik nieuwe jurkjes, broeken en truien aan moet schaffen. Waarom wil ik altijd meer? Zou ik ooit van die koopzucht af komen? Zou ik kunnen consuminderen? En zo ja? Zou me dat hetzelfde gevoel van vrijheid opleveren als mijn klasgenootje Angela destijds?

Ik besloot het te testen. Een jaar lang geen spullen kopen leek me gedoemd te mislukken, maar een maand moest te doen zijn. Een partner in crime is altijd fijn als je zo’n soort challenge aangaat en dus besloten Tim, die andere auteur van Moneyou, en ik om allebei een maand lang geen onnodige uitgaven te doen. Hoewel een maand helemaal niet zo lang is, werd ik best wel onrustig van het idee dat ik, met de zomer voor de deur, geen nieuwe hemdjes en jurkjes mocht kopen. Bovendien wil het toeval ook nog eens dat ik elke dag op weg van huis naar kantoor en andersom door één van mijn favoriete winkelstraten loop.

Geen schuldgevoel meer

Toch heb ik op het gebied van kleren niet gefaald. Eerlijk is eerlijk, ik sloeg, net als Tim, van tevoren een paar nieuwe kledingstukken in. Dat zou je kunnen zien als valsspelen. Maar aangezien ik die twee zomerhemdjes in mijn ogen écht nodig had — H&M gaat vaak slechts één seizoen mee — zie ik het door de vingers. Tot mijn eigen verbazing kocht ik uiteindelijk een maand lang geen nieuwe kleding. Ik ben me ervan bewust dat dit uitermate verwend klinkt. Want wat is nou een maand? Maar de gewoonte om mezelf geregeld op een nieuw kledingstuk te trakteren, was er bij mij zo ingeslopen dat ik me ernstig afvroeg of ik ook zonder zou kunnen.

Maar wat bleek? Toen de test eenmaal was begonnen, vond ik het heerlijk. Vaak ging mijn consumptiedrift namelijk gepaard met een schuldgevoel omdat ik geld uitgaf aan dingen die ik niet nodig had. Ook hoefde ik niet te twijfelen of ik zestig euro voor een rok te duur vond of niet. Het kledingstuk kopen, was immers gewoon geen optie.

Geen kleren, wél een boek

Ik kocht dan wel geen nieuwe kleren, wat betreft boeken ging ik wel over de schreef. Toch voel ik me daar niet schuldig over. Lezen is namelijk een ervaring waar ik over het algemeen heel gelukkig van word. Uiteraard kun je boeken ook lenen bij de bibliotheek, maar vaak hebben ze het boek dat ik wil lezen daar niet. In dit geval had ik bovendien wel een hele specifieke wens: in het kader van mijn vakantie naar Belgrado zocht ik een roman over Servië. Toen ik die vond, besloot ik dan ook dat dit een legitieme overtreding was.

Conclusie: Deze challenge smaakt naar meer

Ok. Ik heb me niet strikt aan de regels gehouden. Toch vind ik dat ik op het aanschaffen van dat ene boek na ronduit geslaagd ben. Zeker omdat deze challenge me uiteindelijk vrij gemakkelijk afging. De afkickverschijnselen — lees: urenlang door winkels dolen om de stof van jurkjes en bloesjes door mijn vingers te laten glijden en inloggen op de website van Zara — bleven uit. Sterker nog, na deze maand heb ik geen behoefte om direct nieuwe kleren te kopen. Fijn, want dat betekent dat ik ook geen geld hoef te verdienen om die nieuwe kleren te kopen.

Als ik écht radicaal ga consuminderen, zou ik dan ook meer vrije tijd overhouden omdat ik simpelweg minder behoefte heb om steeds meer geld te verdienen zodat ik dingen kan kopen? Ik ben benieuwd en ga het uitzoeken. Ik heb even geroken aan de vrijheid die consuminderen kan opleveren. Dat smaakte naar meer en dus ga ik nog even door met deze challenge. En zo nu en dan, in een enkel bijzonder geval, sta ik mezelf dan toe de regels te overtreden.

 

Hagar Jobse
Verhalenverteller en reisgek. Schrijft graag over millennials, maatschappelijke tendensen en innovatie. Maakt ook radio.